En zo zitten we op donderdagavond met zijn tweetjes in de BART (metro) richting San Francisco International Airport om de Red-Eye richting Houston te pakken. Alles gaat gesmeerd, van SFO naar IAH en vervolgens BZE om het laatste stukje met Tropic Air richting Caye Caulker. Twee dagen relaxen op het eiland, onze vaste hotel kamer, zwemmen bij de split en weer nieuwe tentjes ontdekken dankzij Frenchie.
Maar voordat je het weet is het zondagmorgen, het golf karretje die als taxi fungeerd rijd voor en we worden netjes 5 minuten voor vertrek bij de Watertaxi terminal gedropt om vervolgens naar Belize City te varen.
Na een rustige tripje is het vervolgens wachten op Tony, niet dat we haast hebben want wij zijn ruim een half uur te vroeg voor onze ontbijt afspraak met Dr. Hidalgo en de familie. Toen ik mijn vader vroeg waar kunnen we het beste lunchen zei hij “Radisson Hotel” en ik moet zeggen het was een geslaagde aktie. Overigens is hij de enige die weet dat wij in Belize zijn want het is een surprise voor Bep.
Echter wat is dat menske toch achter dochtig, ze heeft sinds de afgelopen week één en één bij elkaar op zitten tellen en damn she was right.


Na een dikke knuffel en ook de logerende Jack te groeten is het tijd voor een lekker bakje leut. De electrician spelen staat daarna op het programma. De vorig jaar geïnstalleerde LED driver voor in de keuken gemonteerde LED’s Pucklights had het in november begeven. En ondanks dat Sinterklaas het had verstuurd was het nog niet vervangen. Het was even zoeken na het gereedschap maar nadat de draden waren gestript kon Beppie weer snel van de verlichting genieten.
Het is inmiddels half vier ‘smiddags, het wordt tijd om voor Tony en ons tijd om richting Black Rock Lodge te rijden. Het is een van de verblijven waar je ruim 10 kilometer van de Western Highway afligt en de enige manier om er te komen is een verharde zandweg die hoofdzakelijk alleen goed is voor één auto per keer. Aangezien wij de weg niet kennen leek het ons slim om dit eerst tijdens daglicht te rijden om vervolgens weer terug naar Bep’s huis te rijden voor het avond eten.
Black Rock Lodge is een typisch Eco hotel in een verdomd mooie Jungle setting. De Macal River stroomt op zo’n 30 meter lager langs de Lodge terwijl de toekomst op nog geen 5 meter van ons af op de bomen zitten te genieten. Kolibri’s vliegen in het rond opzoek naar nectar terwijl de manager ons uitleg geeft over hoe men hier de carbon footprint zo laag mogelijk houdt.

Nadat onze koffers in de hotel kamer zijn beland was het tijd om naar Bep terug te rijden voor het avond eten. De weg lijkt echt op de attractie Indiana Jones in Disneyland. Watervallen langs de kant van de weg die wij moeten passeren, slipperigen berghellingen, een Landrover die langs de kant van de weg staat geparkeerd en oja een tegenligger met een vol busje toeristen.
Voordat laatste was maar één oplossing, in de achteruit het hele kunstje weer doen. Terwijl Lenore de rechterkant met de afgrond in de gaten hield reed ik ruim 500 meter blind op de linker buitenspiegel terug. De enige plek die wij ons konden herinneren was ruimte achter de eerder genoemde Land Rover. En inderdaad na het achteruit indraaien achter de Rover kon het Suzuki busje vol met hotelgasten ons passeren.
Ik besloot toch maar om niet meer de Indian Jones Tune te zingen totdat wij weer op een beter deel van de weg zaten waar wij geen problemen met tegenliggers zouden hebben. Al met al een geweldige rit die ik ook na het heerlijke avond eten weer terug mocht rijden. Het is maandagmorgen en heb even het gevoel dat ik wakker wordt in de Jungle Dome van Burgers Zoo. Alle geluiden die je verwacht zijn er en zit nu even op mijn stoel buiten de hotel kamer met een prachtig uitzicht op























